De kleine wereld van Willie Oosting.

 

ImageHij is een man die het vak van timmerman nog op de ouderwetse manier geleerd heeft, en met zijn enorme levenservaring zonder enige moeite vertelt over het huidige emmercompas en het oude emmercompas, specifiek het munsterscheveld waar hij geboren is. Hij verteld mij over zijn hobby op de zolderkamer en het munsterscheveld in het klein bij de molen van Geerdink

Boven op zijn kamer heeft hij een verzameling van miniatuur huisjes staan die met groot geduld en een nauwkeurige precisie in elkaar gebouwd worden. Alles op schaal zelfs de binnen kant is te zien via een opening in het dak. Opgebouwd uit gekregen en verzamelende materialen zoals, luciferstokjes, ijsco en lolly stokjes, vleesprikkers, dennenappels, resthout, koekje doosjes, steentjes  enz..

Deze materialen worden verzameld door verschillende mensen, maar vooral door hem zelf. De meeste onderwerpen worden na gebouwd vanaf een foto of uit een folder, soms zie ik wat op televisie en teken het na zegt hij, of ik ga ergens naar toe op het op te meten, mij is bekend dat mijn fietswiel bij een omwenteling bijvoorbeeld een bepaalde afstand heeft, zo kom ik aan mijn oppervlakte maten van woningen en details van onderwerpen.

Images,avonds als ik hier even boven zit te genieten van mijn hobby kijk ik wat moet er nog aan gebeuren en wat mist er nog aan. De materialen die ik gebruik verzamel ik over al weg ga op de fiets naar Rütenbrock Duitsland voor dennenappels en steentjes, de dennenappels laat ik drogen in de zon of bij de kachel zodat ze open gaan met een langharige kwast schilder ik ze groen, dat zijn dan mijn bomen.

Kleine stenen gebruik ik als zwerfkeien, takken van een lijsterbes bos voor een zitbank of bloembak.

Image

 

Heb het voordeel als ik wat zie een brievenbus, bloembak of zo dat heeft mijn vroegere werk ook meegebracht dat ik anders tegen dingen aankijk, neem dit op en ga dit op schaal nabouwen. De huisjes op de zolderkamer zijn nagebouwd van Oostenrijk ben er drie keer geweest en neem alles in mij op.

Wat bij Jo Geerdink in de molen staat is allemaal van mijn kinderjaren, café Schnieders was toen Albert Kuipers, heb er als kind veel gelopen in huis en in het café, het is niet meer wat het geweest is vroeger was het gewoon anders weet nog dat de schepen lagen een ander aanzien misschien straks weer met de te openen vaarroute door Emmer-Compascuum, maar dan mooie boten en niet meer die oude aardappelschepen.

De oude kranten die ik heb noorden in woord en beeld koste toen 12,5 cent, staan nog enkele foto’s hoe het hier vroeger was. De Pekelder Klabbe, waar van dé Lei brugwachter op was. Bertus Kerkhof heeft voor het dorp veel betekend niet dat hij zelf veel deed maar hij was zeer goed in het regelen en organiseren van dingen, de juiste mensen aansturen daar gaat het om.

Als je deze huisjes bekijkt zie je dat ze allemaal gebouwd zijn met ijsco stokjes, moet even zoeken maar deze zijn de stokjes voor koffie door roeren bij de treinstations en hotels.

ImageHarm Tees zorgt voor wat stokjes van het treinstation en hier komt wel eens een vrouw die neemt mij stokjes mee uit Rütenbrock. De stokjes zijn vaak in verschillende breedtes.


Jo Geerdink zijn kleinzoon die zei altijd meneer Oosting tegen mij, zijn vader werkte bij zijn schoonouders in hamburg hij verzameld stokjes bij de garage en zei dan die zijn voor meneer Oosting, een tas vol had ik toen, ga ze dan uitzoeken op breedte er waren dik zevenhonderd stuk.

Van de stokjes maak ik verschillende onderdelen, de kozijnen zijn van suikerspin stokjes, de ramen van ijsco stokjes die maak ik eerst op breedte en zaag ze nog een keer door voor de juiste maat.

Nu ben ik aan het glas zetten met plastic, die maak ik van koekje doosjes koop natuurlijk geen 10 pakken koekjes als ik er eentje leeg heb gebruik ik die en koop later weer een doosje en ga er dan mee verder. Natuurlijk voor de afwerking de gordijnen, en bloemetjes van de Stuntcorner, onder een winkel, een Aldi en een snackbar.

ImageIk berg alles op het hek is allemaal van deze stokjes, bij Jo Geerdink staat de kalkoven als kind heb ik de kalkoven nog meegemaakt, de kalkoven is er al lang niet meer maar buurman Postma was de eigenaar van de kalkoven en toen zat oude Bentlage er nog op die regeerde daar de kalkoven. We gingen met Luuk en Piet Postma die waren net zo oud als ik, naar vrouw Bentlage en kregen altijd een koekje of snoepje, daar gingen we er ook om heen natuurlijk, even bij de kalkoven kijken.

Ik fietste er langs want wilde de kalkoven wel eens namaken, maar hij staat er niet meer er staat nu een witte bungalow op de kalkovenwieke. Nu ben ik er op de fiets heen gegaan om de grond op te meten wist precies waar het huis van Bentlage heeft gestaan, met mijn fietswiel die een keer rond gaat meet ik de grond. Als je fietswiel een keer rond gaat en dat is drie of vier betontegels, vier keer dertig is één meter twintig en zo kon ik de grond op meten.


Later was ik bij de molen en kwam hij hier hoe heet hij ook weer Lammert Wanninge van die reclame bureautje, weet jij ook iemand die een foto heeft van de kalkoven, nee maar zal eens kijken zegt hij, drie dagen later stond hij bij Jo op de stoep met een stuk krant waar de kalkhoven op afstand te zien was. toen wist ik een beetje hoe het moest.


ImageDe kalkoven met de stelling er voor en de kleine schepen met schelpen, alleen de stelling zitten al honderd ijsco stokjes in, die had ik niet dus op de fiets naar Slösdánken voor het zoeken van ijsco stokjes, mensen keken mij wel eens na omdat ik ze uit de afval bak haalde. Thuis gekomen wassen in een emmer met afwasmiddel en drogen. Bij Jo Geerdink staat hij wel kijk maar eens naar de stelling met de honderd stokjes.

De kalkoven is daar gebouwd op een zandkop, de kalkoven en de steenfabriek  is hier gebouwd omdat we volop turf hadden voor het stoken. Ze kunnen beter één schip met klei hier naar toe brengen als vijf schepen turf daar naar toe, hij is gebouwd op de zandkop als je er een keer naar toe gaat zie je bij het water een behoorlijke hoogte verschil met hier voor aan bij het hoofdkanaal.

Voor het hoogte verschil is de stelling gebouwd ze moesten met een plank van het schip naar de wal de stelling op kruien naar de bovenkant van de oven, ik denk dat de stelling wel een hoogte verschil had van een meter of twee drie, heb het zelf nog meegemaakt.

Toen het model klaar was moesten er natuurlijk ook schelpen bij, ik op zoek in de vennen daar hadden ze van het waterschap de sloten geschooid, daar aan het zoeken, en bij de visvijver van Emmer-Compascuum heb ik de laatste gevonden.

De kalk bij Postma was metselkalk en landbouw kalk, met een schip kwamen de schelpen naar Postma, de kalk vervoerden ze zelf ook met schepen aangedreven door een buitenboord motor om kalk te brengen naar de boeren in Groningen.  Kalk en veen horen bij elkaar, veen vreet kalk vroeger mocht je ook geen kalkzandsteen gebruiken in de fundering omdat het veen de steen aantaste. Nu gebruiken ze kalkzandsteen klinker die er wel voor geschikt is.

De steenfabriek kan ik mij nog wel herinneren, ik heb vroeger in Duitsland gewerkt en oude Meijer werkte nog in de steenfabriek, maar toen werden er geen stenen meer gebakken wat ze er nog deden weet ik niet meer, dat was voor dat de AKU er kwam, zodoende ben ik nog in de steenfabriek geweest met Klaas Meijer. Klaas Meijer en ik hebben in Osnabrück gewerkt in de oorlog, Klaas had nog een oudere broer Hennie, die was een beetje opstandig, ze hadden hem opgepakt, hij zat in de oorlog in Lingen Duitsland vast, we zijn nog een keer bij hem op bezoek geweest.

ImageKlaas Meijer had nog een zuster die is verdronken bij de brug, had verkering met één van de jongens van Buter, ze zijn verdronken tweede kerstdag bij Koepers Alberts Klabbe 1935. De oude brug was van hout er mochten geen vrachtwagens over alleen gewone auto’s de brug is opgeblazen in de tweede wereld oorlog.

Ik kan mij nog herinneren dat naast café Hindrix aan deze kant was vroeger een winkel dat was een aannemer Hoge, mijn pa was timmerman en mijn oudere broer ook, pa heeft voor Hoge gewerkt maar ook naast ons de ouwe Postma, dus er zaten twee aannemers vlak naast elkaar, er zat een winkeltje in van dochter Catrien, daar kon je van alles kopen, klompen, een zeiss en strijkstok, schop, hark maar ook boter, zout, suiker, als je suiker of stroop kocht moest je zelf een busje of flesje meenemen, uit een grotere bus deed ze er wat in dat werd afgewogen en kon je betalen.

ImageHij was zelf aannemer, ik heb het huis met de winkel nagebouwd, haar broer meester Hoge zat in de voorkamer met de boerenleen bank. Je kon er na vier uur terecht als de school uit was hij was hoofdmeester van de katholieke school.

Als bij Geerdink de kunstmest schepen lagen, dragen ze de kunstmest via een loopplank van het schip naar de kunstmest loods, waar nu de kapsalon in zit. Bij Geerdink hadden ze een vrachtauto, ik wilde die nabouwen maar had geen voorbeeld, hier heb ik geluk mee gehad hier werkte een vrouw waarvan de man een boekje had waar de oude vrachtwagens nog in stonden zo heb ik hem nagemaakt.

De oude DSM tram konden wij als kwajongens wel dromen, we wachten de tram op als hij van Coevorden kwam die stopte bij café kuipers, wij keken dan waar de conducteur was en klommen op de achterbumper van de laatste wagen, reden mee tot aan Munnekemoer en gingen lopend weer terug.

ImageBij Jo Geerdink staan miniatuur boerderijen waar ik in het groot ook aangewerkt heb als timmerman, de gebinten en de spanten zijn hellemaal nagebouwd en kun je zien door een gat in het dak. De paarden en koeien heb ik van C1000 en een actie met landbouw voortuigen, zo kom ik er aan. De ene heeft dit en de ander dat.

Vindt het soms wel jammer dat ik het alleen doe als je met twee of drie man bent kun je wat overleggen, er gaan veel uren in zitten maar is mijn lust en leven zo ga ik met de hekken in de schuur en kan maar een klein stukje per keer maken, ik kom van bed een kopje thee dan in de schuur lijm dit stukje want ik gebruik ouderwetse houtlijm dat moet vier uur drogen.

Dan is het middag hekje er uit de volgende er in en s,avonds nog een keer, voor dat ik naar bed ga de boel verven zodat het kan drogen. Verven doe je niet overdag anders moet je daar op wachten. Zo doe ik het ook met de balkons.

Zal je dat kerkje even laten zien, het dak kan er af alles staat er in de banken, preekstoel, doopfonds, orgel. Ben over de grens gegaan daar staat nog een klein kerkje heb alles nagemeten zodat ik het na kan maken. Heb alles zo gemaakt dat het uit elkaar kan om het makkelijk op te pakken en te verplaatsen.

De huisjes vul ik altijd weer aan met kleine dingen zoals brandhout achter onder het afdak, de trap kun je hier ook weer zien door het gat in het dak. De hooikar is gemaakt van Chinese eetstokjes, de afvoer pijpen een regen ton er zitten heel wat uurtjes in. De vorsten zet ik vast met leertjes gesneden van een riem. Een vrouw die op de camping stond van Geerdink heeft mij nog wat riemen gebracht toen kon ik even vooruit.

Het gras is gemaakt van zaagsel, gemengd met verf ik gebruik diverse groen tinten omdat het niet allemaal het zelfde moet zijn. De zaagsel doe ik in een bus met wat verf en schud dit dan zodat de verf vermengd met het zaagsel, de plek verf ik voor en strooi dan het zaagselgras op de plek.

 

Tegen over in de grote kerk heb ik ook nog vele dingen vernieuwd o.a. de preekstoel en nog vele dingen, ben altijd bezig verveel mij nooit.


ImageBij Jo Geerdink in de molen staat nog veel meer, de molen zelf heb ik hellemaal nagebouwd kan hellemaal uit elkaar gehaald worden zodat je er binnen in kan kijken.


De oude molen was van Hoge, een loods, er werd gemalen met een stoommachine gestookt met turf, de winkel is er door Peter Westen later voor gebouwd.  Naast Jo Geerdink heeft vroeger ook een winkel gezeten, ik heb de winkel er niet voor gebouwd om te laten zien hoe het vroeger was in originele staat, mensen herkennen dat ook beter.

Het gebouw hier was bakker Planting later bakker Lange. Weduwe vrouw Hoge met drie dochters, dan Posthuma met zijn werkplaats en daar ben ik geboren.

ImageHeb in totaal drie schepen gebouwd, de DSM tram en de oude Koeper Alberts Klabbe, de kroeg van Koeper Alberts, de boerderij tegen over Jo Geerdink heb ik als kind ook veel gelopen boer Alherts is nu verkocht en verbouwd, voordeur is weg en het aanzicht is veranderd.

Albert Koepers zijn café was een boerderij op de zijkant zat een winkeltje van tante Sokkie, in Roswinkel de kroeg van Pachters is de zelfde alleen in spiegelbeeld, het winkeltje en de kroeg zitten net anders om. De stookhok stond er vroeger naast, ze stookte de varkenspot hier in en een paar uur later het wasgoed.


Café Snieders was net zo maar is later een stuk bij aan gebouwd. Er zat een schuur naast dat was de wegerij, als er een slager Klok of paardeslachter Bos een koe of varken had werd het hier gewogen  en afgerekend, in de kroeg dronken ze dan een borreltje of een biertje daarna moesten ze ook wel even pissen. Achter de loods stond het pishok waar ze naar toe gingen, wij gooiden als kwajongens met stenen op het pishok als ze er in stonden. Het was toen wel een andere tijd als nu.

Één maal per maand kwamen de oostgangers Geert van der Heide, Mans Vos, oud Fietje, oud Salomons, Sterenberg, Evert Hof één maal per maand kregen ze hun pensioen dat gingen ze vieren in de kroeg van Alberts Koepers de hele dag bleven ze er eten en drinken.
Als ze gingen pissen gooiden wij natuurlijk weer stenen op het pishok. Het kon ook allemaal vroeger had je alleen kerels in de kroeg toiletten waren er nog niet en vrouwen kwamen niet in de kroeg.

Kempers zijn schoonvader was scheepsjager en sliepen in de loods als er na 19.00 uur toch geen brug meer open ging konden ze niet verder, om dan naar Ter Apel te lopen en de volgende morgen terug te komen deden ze niet, ze stalden het paard in de loods en dronken een borreltje in de kroeg. Sliepen bij de paarden in de loods en gingen om 6.00 uur s,morgens weer verder met het paard voor het schip.

Dus elke dag lagen er wel scheepsjagers te slapen in de loods,  Kempers zijn schoonvader noemde ze Klaas Poepie dat waren onze belevenissen dus het pishok moest er bij staan. Op de zijkant staat een grote regenbak als de tram er langs kwam moest die wel eens water bijtanken.

We gingen op klompen lopend naar school van Munsterscheveld kwamen we langs de Gruinten zo naar de runde. Meester Fokkema en Schuitema Schoenen waren er toen weinig en als je ze had waren ze voor de zondag naar de kerk. De Gruinten kan ik mij wel herinneren was een zand laantje met de familie Siersema, Appie Holman, Cornelis Wacht, Roffel, Bakker, van de Berg, Wieringa, Jacobs, Moorlog, Tjeerd en Evert Klein.

Voor in het pand via de winkel kwam je in de voorkamer van Hoge waar de boerenleenbank was, toen wij vroeger ik voor mij  zelf wilde beginnen had ik geld nodig. Ben naar Hoge gegaan hij zij jij krijgt van ons geld hij kende mij goed en ik hem ook, boer Smuigers en Wortelboer zaten ook in het bestuur van de boerenleenbank.

Ik weet nog dat aan de zijkant van de loods onder het afdak zaten de commiezen het pad er tegen ging naar Duitsland, oude Muller Rauf had zijn land er achter liggen.

Alles probeerde ik na te maken op schaal, een stro snijder voor het vee ben hier voor naar Roswinkel geweest bij Joling om alles op te meten van een originele hij heeft wel meer van dat spul staan. Ik herinner dat er bij de boerderij van Alhers ook een stookhok stond waar de oude vrouw Alhers altijd brood in bakte, lekker was dat.

Later bij de molen was molenaar Mulder er en wij mochten niet zo de molen in, de boeren zaten dan boven met een mudde rogge met elkaar te kletsen. De molen staat met de wieken naar de wind, boven in de molen zit een windmeter waar de molenaar kan zien hoe hij de molen moet draaien naar de windrichting.

Image

Heb hier voor mij zelf nog een arreslee gemaakt een jaar heeft het geduurd om een voorbeeld te krijgen hier staat nergens een arreslee om even na te meten.

Ik zat voor de tv te kijken en zag een programma met Marianne en Micheel met een arreslee, heb altijd een stuk papier en potlood klaar liggen en gauw een schets gemaakt zo kon ik hem na maken.

 

Kan nog goed uit de voeten heb vroeger altijd veel aan sport gedaan o.a. voetbal, ben nog één van de mede oprichters van de voetbal club C.E.C je had C.V.C - Compascumer  Voetbal Club en E.V.C. - Emmererfscheidenveen Voetbal Club  en dan nog DOSCO, o.a. enkele namen met Roef Iedema, Willie Oosting, Jopie Dost, Wijnands.

De voetbal Clubs zijn later samen gegaan in C.E.C. Er werd gevoetbald achter de kroeg de ene keer bij café Weggemans en de andere keer bij café Abeln want de kroeg had er belang bij dat er mensen op af kwamen. Na de wedstrijd kreeg je een klein teiltje met water om je even te wassen. Ik ben zelf nooit gebleven ging altijd direct naar huis ben ook geen bier drinken vroeger in Duitsland kregen we altijd na de maaltijd een pot donker bier met nul procent alcohol lekker was dat altijd zeer zoet.


Image

 

Wat ik vindt van de verandering in het dorp, als ik denk als aannemer is dit goed, verandering en nieuwbouw is werkgelegenheid, het is soms wel jammer dat de oude panden afgebroken worden maar als ze ingesloten staan door andere nieuwe panden is er niets meer aan en moet je dit op ruimen.

Sommige oude panden zoals die van Rudolf Pragt die nu weer opgeknapt wordt staan mooi vrij en mogen wel blijven bestaan. Andere oude panden verdwijnen je kunt van elk dorp ook geen museum dorp maken die zijn er al genoeg Orvelte, Het Veenmuseum, Bourtange en noem zo maar op.

De tweestrijd in het dorp. Er zal altijd tweestrijd zijn onder de bevolking omdat we nog maar honderd vijfentwintig jaar bestaan. De mensen die naar Emmer-Compascuum gekomen zijn met het graven van het kanaal uit o.a. Groningen en Friesland, de veen boeren en turfgravers, allemaal een bij elkaar geraapt zootje van verschillende afkomst.

Bij een dorpskern die al achthonderd jaar bestaat is een eenheid op gebouwd, bij ons zal dat nog wel even duren.

Geert Boelen in gesprek met Willie Oosting© Oktober 2008

Het is leuk vertoeven in Emmer-Compascuum

Copyright © 2015. All Rights Reserved.